Updated 04/02/2026
Geen gemopper of geklaag over ‘Campaign For Musical Destruction’ van NAPALM DEATH
Napalm Death + Whiplash + The Varukers + Dopelord - 1 februari 2026 - Trix Club, Antwerpen
Een nieuw jaar, een nieuwe passage van het Britse grindinstituut Napalm Death! Het einde van hun ‘Campaign For Musical Destruction’ lijkt voorlopig niet in zicht, al zou dat misschien toch stilaan mogen gebeuren. Versta ons niet verkeerd, we zien de herrieschoppers uit Birmingham graag komen, maar nieuw plaatwerk hebben we nu toch al even niet meer gehad. Ook het publiek laat het ondertussen een beetje afweten, want waar men vorig jaar nog de grote zaal van de Trix behoorlijk gevuld kreeg, geraakte de toch wel beduidend kleinere club zelfs met moeite gevuld. Overdaad schaadt? Of ligt het misschien aan de iets minder aantrekkelijke package die de heren dit keer hebben samengesteld? Uiteraard zijn Dopelord, Varukers en Whiplash puike bands die hun plekjes zeker verdienen, maar ze spreken toch net iets minder tot de verbeelding dan pakweg Crowbar en Full Of Hell (beide vorig jaar op de affiche) of Primitive Man en Pig Destroyer (die de eer een jaartje eerder hadden). Los van alle bedenkingen was het echter toch weer een leuke en stevige avond in Antwerpen en viel er van gemopper of geklaag bitter weinig te merken.
Tekst: Piet Verstraete/Frederik Cosemans - Foto’s: Tomy Devogelaere
Het Poolse DOPELORD (7), muzikaal gezien de vreemdste eend in de bijt, mocht de spits afbijten voor een, aanvankelijk, erg karig gevulde zaal. De zware en zompige doom had dan misschien niet zo heel veel gemeen met de ratelende kletterherrie die de headliner enkele uren later zou laten horen, qua heaviness en zeker qua sound moest men absoluut niet onderdoen. Het geluid dat het viertal de zaal inblies, was werkelijk moddervet en nodigde toch hier en daar uit tot wat synchroon hoofdschudden.
De band was tevens zo slim om ook enkele van hun iets snellere songs (‘Headless Decapitator’, ‘Reptile Sun’) in de setlist opnemen zodat het toch geen eenzijdig trage bedoening werd. Op zich speelde Dopelord een uitmuntende show, maar door de ietwat makke, doch beleefde, publieksreactie (met uitzondering van één wel heel enthousiast individu) konden we toch niet echt spreken van een triomftocht.
De veteranen van THE VARUKERS (8) konden al op heel wat meer bijval rekenen. Deze Britse schreeuwpunkers draaien al bijna een halve eeuw mee en zijn nog steeds behoorlijk pissig op alles wat ook maar naar autoriteit riekt. Aangevoerd door Anthony ‘Rat’ Martin, een gezette zestiger met een dubbele hanenkam en tevens oprichter én enig origineel lid, ragt men luid en behoorlijk strak doorheen een flink aantal songs uit hun gehele carrière. Echt veel kenden we er niet van, maar wat we zagen (en hoorden), beviel ons, en een groot deel van het publiek, opperbest.
Opmerkelijk: de wilde taferelen in de voorste regionen werden vooral veroorzaakt door opvallend jonge aanwezigen die zelfs moeiteloos teksten meebrulden als Rat weer eens zijn microfoon uitdeelde. Er is dus toch nog hoop voor de jeugd! Maar ook het wat oudere gedeelte van het publiek wist dus wel raad met de ruwe, potige punk die meer dan eens aan Discharge, The Exploited en oude Amebix deed denken. Het voorste gedeelte van de zaal stond ondertussen mooi volgepakt en de sfeer zat er goed in. Rat, zichtbaar tevreden en dankbaar voor de mooie respons, zwierf trouwens de rest van avond rond in de zaal, praatjes, foto’s en grapjes makend met iedereen die daar om vroeg. Zo hoort dat, verdorie!
WHIPLASH (7) had dus best grote schoenen te vullen, want The Varukers hadden al aardig de vlam in de Trix Club gezet. Meesurfen op die vibe en meeprofiteren moest dus mogelijk zijn voor de band. Als echter nog voor het midden van het eerste nummer ‘Last Man Alive’ de enige gitaar uitvalt, volgt er een gênante leegte van bijna 10 minuten. Bassist Will Winton probeerde die op te vullen met wat gelul over Belgisch bier, waarna hij een stuk van Cliff Burtons bassolo ‘(Anesthesia) Pulling Teeth’ inzette. Uiteindelijk volgde er nog een drumsolo en daarna een pijnlijke stilte. Weg sfeer. De band had daarna toch wat moeite om weer wat gezelligheid onder het publiek te brengen. Zanger/gitarist Tony Portaro mag er dan wel Amerikaans stoer uitzien met zijn zonnebril en cowboyhoed, hij bleef aan zijn microfoon gekluisterd, waardoor bassist Winton als enige het podium moest vullen.
Het duurde dus even voor Whiplash het publiek terug in beweging kreeg. Het uptempo ‘The Burning Of Atlanta’ deed dat halverwege de set toch prima en de thrashers kwamen toch los in een bescheiden, schuivende pit. De band putte in zijn verkorte set wel hoofdzakelijk uit hun debuutalbum ‘Power And Pain’ uit 1986 en dat werd gesmaakt. Songs als ‘Spit On Your Grave’, het uptempo ‘Walk The Plank’ uit het tweede album en afsluiter ‘Nailed To The Cross’ werden toch door een schare fans luidkeels meegebruld. Een ouderwetse gitaarsolo tussen de nummers door hadden we ook al lang niet meer gehoord. Uiteindelijk moeten we toegeven dat het ietwat scherpe, typische gitaargeluid van Portaro ons toch heel even een nostalgisch gevoel gaf. Niet kwaad na de langdurige, technische tegenvaller.
Mark ‘Barney’ Greenway van NAPALM DEATH (8) schreeuwt zich vanaf de eerste seconde nog steeds de ballen uit het lijf. De band trad aan met bassist Adam Clarkson, de bandmaat van gitarist John Cooke uit de band ‘Corrupt Moral Altar’. Volgens Barney hoeven we daar geen ‘conspiracy theory’ achter te zoeken, Shane (Embury) heeft gewoon, zoals iedereen dat wel eens heeft, wat tijd voor zichzelf nodig. Zijn terugkeer naar het podium is een zekerheid, aldus Barney. Napalm Death speelde ondertussen bijna traditiegetrouw eerst een resem songs die wat moeilijk te voorspellen zijn. ‘Every Day Pox’, ‘Contagion’ en het atypische ‘Amoral’ van het laatste album en onder andere het fantastische ‘Narcissus’ van de laatste EP. De handen gingen goed op elkaar en het leek alsof het publiek toch weer hoofdzakelijk voor deze grindcorelegende naar de Trix Club is getrokken.
Barney lijkt zijn humor nog niet te zijn kwijt gespeeld. Hij las de naam af van een bankkaart die iemand op het podium verloren had en vond zo de rechtmatige eigenaar terug en hij duidde lachend iemand uit het publiek aan die er als Karl Marx uitziet. De ‘Club’ mag dan een stuk kleiner zijn dan de grote zaal, maar het zorgde wel voor een ouderwets gevoel van nabijheid met de bandleden en ook dat sloeg over op het publiek. Terugkeren naar oude krakers werd er eerst gedaan met het onnavolgbare ‘I Abstain’ en vanaf dan zat de sfeer er echt goed in. ‘Practice What You Preach’, ‘Unchallenged Hate’, ‘Suffer The Children’, ‘Scum’ en ‘Breed To Breathe’ blijven geweldige krakers die grindcore als de meest extreme muzieksoort mee op de kaart hebben gezet.
Oude zuurpruimen zullen wellicht zeggen dat het krassende gitaargeluid van ‘roadie’ Cooke niet te vergelijken valt met dat van de hoogdagen met het dubbele gitaarspel van Jesse Pintado en Mitch Harris die een orkaan konden veroorzaken, maar Napalm Death is al lang die band niet meer. Je moet de band respecteren in de huidige tijdsgeest met een knipoog naar de legende die ze ooit waren. Met als afsluiters onder andere de (Dead Kennedys)-cover ‘Nazi Punks Fuck Off’ en ‘Persona Non Grata’ kunnen we terugkijken op een erg gezellige avond.