Updated 23/03/2026
GAEREA
Loss
Stilzitten zit er niet in voor Gaerea. Het Portugese gezelschap blijft keihard werken, zowel in de studio als live, en blijft met rasse schreden groeien. Dat brengt met zich mee dat de bandleden, aangevoerd door hun eigenste Alpha, ook muzikaal snel geëvolueerd zijn. Jarenlang waren ze een baken met hun ‘cathartic black metal’, maar op ‘Loss’ krijgt alles plots een twist. Natuurlijk begrijpen we ten volle dat muzikanten niet graag willen blijven hangen in de routine en dan ook eerder voor een ommezwaai zullen gaan dan dat ze de fans naar de mond praten en steeds met eenzelfde plaat naar buiten komen. Vraag is maar in hoeverre de oude fans deze shift zullen verteren, want klein is ‘ie niet. Ergens mogen we ook niet overdrijven, want Gaerea blijft een extreme metalband die de nodige black metal elementen bezigt, maar je krijgt plots wel integratie van een aantal elementen die je niet had verwacht en die een sterke impact hebben op de totaalsound. Dat hoor je al in opener ‘Luminary’: er werd gegrepen naar een erg moderne chugga-chugga gitaarsound, downtuned met zevensnarige gitaren zoals je die uit de nu-metal kent. In combinatie met de klare zang die Alpha overal gebruikt, ga je dan al snel denken aan band als Linkin Park... Dat blijkt te kloppen, want de bandleden groeiden op in de jaren dat zulke bands razend populair waren en daarom zijn de muzikanten er dan ook door beïnvloed. Een andere invloed is eerder afkomstig vanuit de metalcore, die vooral in de meer agressieve stukken opvalt. Het is wennen geblazen voor oude zakken als mezelf, terwijl er aan de andere kant heel veel mensen zullen zijn die dit gaan toejuichen, vooral de nieuwe lichting fans die Gaerea leerde kennen via tournees met pakweg Orbit Culture. We moeten echter toegeven dat het wel erg goed gedaan is, want de songs ademen stuk voor stuk kwaliteit uit en bovendien zorgen de nieuwe invloeden ook voor extra variatie in de totaalsound van ‘Loss’. Een nummer als ‘Hellbound’ blijft uitermate agressief en beukt erop los dat het geen naam heeft, met een onderhuidse dreiging in de tragere passages tussen de blastfeestjes door. In ‘Phoenix’ zit nog voldoende venijn, maar daar zorgen de heldere zanglijnen in de brug toch voor een soort van rustmoment en enige epiek. Het navolgende ‘Cyclone’ is nog epischer en groeit na een erg introverte start met gevoelige zanglijnen via midtempo knalriffs naar hun gekende pittige acceleraties, al gebruiken ze zelfs in die laatste ook nog ‘echte’ zang. Toch blijven deze songs wel erg intens, ondanks die andere insteek. Enige uitzondering is wellicht ‘LBRNTH’, een sfeervol ambient-intermezzo met vrouwenzang dat een etherisch gevoel opwekt en rustig opbouwt naar het potige ‘Nomad’. Dé verrassing van het album zit echter in het staartje, waar ‘Stardust’ begint als een heuse popsong met wat vervormde heldere zang en een spaarzame piano, om dan na dik twee minuten voor een laatste keer toch weer alle registers open te trekken. Toch blijft het een erg emotioneel nummer, zelfs in de heavy passages, maar het draait dan ook rond het verlies van een vriend in de tienerjaren van Alpha. Geheel los van onze persoonlijke smaak moeten we dus wel degelijk grif toegeven dat Gaerea op deze ‘Loss’ in zijn opzet geslaagd is: de band heeft invloeden uit hun jeugdjaren gebruikt om een plaat te schrijven die ook de gevoelens en ervaringen uit die jaren beschrijft, en heeft daarmee hun sound verder opengetrokken naar een breder publiek. En zoals ze zelf al zeggen: ‘Je kan niet voor iedereen goed doen, maar we hebben tenminste gedaan wat we zelf wilden.’ Een gezonde houding van rasechte artiesten, die we ten volle respecteren.