Updated 12/10/2026
GODFLESH
Decay
Voor Godflesh, de onbetwiste meesters van de ‘feel bad music’, is het einde in zicht. Wegens aanhoudende gezondheidsperikelen van frontman/bezieler Justin Broadrick worden zowel optredens als opnames, die fysiek bijzonder veeleisend zijn, in de toekomst quasi onmogelijk. Daarom valt binnenkort dus definitief het doek over één van de meest invloedrijke industrial acts ooit. Binnenkort, want Broadrick en zijn kompaan Ben Green, hebben nog het een en het ander voor ons in petto. Zo is het bijvoorbeeld de bedoeling om nog twee albums met nieuw materiaal uit te brengen en het eerste daarvan, ‘Decay’, staat alvast luid op de poort te bonken. Simpele, licht verteerbare albums heeft Godflesh nooit gemaakt, maar dit keer lijkt men zowaar nóg dieper in zwarte teer te duiken. De zes nummers, voor het merendeel geschreven tijdens de sessies die men deed voor voorganger ‘Purge’, zijn loodzwaar, ultrarauw en allesbehalve hapklaar. Enkel eerste single ‘Living/Ending’ en (in mindere mate) ‘Feral Colony’ laten de band in zijn ietwat conventionele vorm horen en herbergen naast de vermorzelende riffs en dreunende, repetitieve drums vrij traditionele songstructuren. De overige vier tracks trekken meer de kaart van pure industrial, drone en verwrongen noise en herleiden Godflesh terug naar de rauwe en pure essentie. Dat kan behoorlijk zwaar op de maag liggen, maar dat lijkt ons dan ook net de bedoeling te zijn. Opener ‘Master And Slave’ slaat met zijn monotoon beukende beats en ronduit ijselijke vocalen bijvoorbeeld alle lucht uit je longen terwijl het dissonant en gemeen klinkende ‘Fodder’ bijna een aanslag op je zintuigen is. De laatste flintertjes geluk en schoonheid, als die er na het eerste half uur nog zouden zijn, worden echter finaal weggezogen door de monumentale hekkensluiter ‘Consume Me’, een ruim 11 minuten lange afdaling in iets wat nog het beste kan omschreven worden als een traag kolkende vortex. De enge, allesverzengende machine die Godflesh eigenlijk is, mag dan op het punt staan ontmanteld te worden, de laatste stuiptrekkingen zullen we verdorie toch nog voelen!