Updated 10/07/2026
DEEP PURPLE: Spelen is waar het om draait
Deep Purple mag dan al meer dan een halve eeuw succes na succes oogsten, de band staat in 2026 niet bepaald als ‘erfgoedact’ te boeken. Met ‘Splat!’ brengt het vijftal haar 24ste studioplaat uit en het is warempel een van de zwaarste en meest gefocuste studioplaten in jaren geworden. ‘Splat!’ werd naar aloude gewoonte live ingespeeld in de studio en laat een opvallend frisse bezetting horen. We praatten met toetsenman Don Airey over het concept achter de titel en de vonk met gitarist Simon McBride.
Het nieuwe album heet ‘Splat!’ en dat is best een onheilspellende titel. Die komt traditiegetrouw uit de koker van Ian Gillan die al even traditiegetrouw alle contact met de pers vermijdt. Hoe werd dat idee binnen de band ontvangen?
‘De eerste keer dat ik de titel hoorde, was eigenlijk toen ze het artwork opstuurden. Ik had wel wat geruchten opgevangen, maar ik dacht niet dat Ian het serieus meende. Hij durft nog wel eens jokken, je weet zelden vooraf of het nu echt is of niet. Toch, daar was het dan, in volle glorie. Wat het allemaal precies betekent, zit in zijn hoofd – de teksten sluiten heel nauw aan bij die titel. In zekere zin voelt het als een conceptalbum, maar dan weer niet echt. Er is duidelijk een idee dat alles bij elkaar houdt, zonder dat het een klassieke rockopera wordt.’
Het nieuwe materiaal sluit goed aan bij klassiekers als ‘Highway Star’, ‘Smoke On The Water’ en ‘Lazy’, vooral qua dynamiek, balans en fun. Voel jij dat zelf ook zo?
‘Daar heb je gelijk in. Het is zeker geen doorslag, maar de nummers huizen wel in dezelfde … sfeer. Ik denk dat we in elk geval veel directer zijn gaan schrijven. Wat ik zelf heel sterk voel op ‘Splat!’, is hoe spectaculair goed toetsen en gitaar samenkomen. Simon en ik werken nu al tien, twaalf jaar samen, en ondanks het leeftijdsverschil zitten we echt op dezelfde golflengte. Dat hoor je in hoe we elkaar aanvullen, in plaats van elkaar te bevechten in de mix. Ik was heel tevreden met het resultaat. Nu is het afwachten wat het publiek ervan vindt, maar voor mij zit die link met de vroege jaren zeventig vooral in de energie en de manier waarop de band als geheel klinkt.’
Mijn persoonlijke indruk is dat de band een echte boost kreeg toen Simon bij Deep Purple kwam. Steve Morse was natuurlijk ook een geweldige gitarist, maar ik hoor een herboren band.
‘Simon heeft de band absoluut een nieuwe dimensie gegeven. Hij is een zeer fijne speler, hij kan zo ongeveer alles spelen. Dat moet ook, want we hebben de beste rockdrummer en de beste rockbassist ter wereld – dan moet je kunnen volgen. Het opmerkelijke is dat hij er eigenlijk vanaf de eerste minuut heel natuurlijk in leek te passen. In het begin was het voor hem natuurlijk wel een schok. Deep Purple is een heel ander beest dan de meeste bands. Je zag dat iedereen wakker schoot toen hij kwam: “Laat ons eens kijken wat deze kerel kan.” Ik werk al bijna tien jaar met Simon, ook op mijn soloplaten, dus ik kende zijn stijl goed. Eerst worstelde hij wat met de schaal en de geschiedenis van Purple, maar op een bepaald moment vond hij het geheim: wees jezelf. Doe gewoon je best en laat zien wat je kan. Sindsdien is hij echt open gebloeid.’
Een meer uitgebreide versie van dit artikel lees je in RT 240.